Sunday, 17 February 2008

Voorwoord

Tijdens het laatste weekend van september in 2006, het weekend van de A1GP op Zandvoort, kwamen Frank & Jeanet met het mooie idee om een rondreis te gaan maken door Afrika. Jeanet heeft het toen op zich genomen om het een en ander uit te gaan zoeken. We waren het er over eens dat we niet in een grote touringcar door de Serengeti gereden wilden worden, maar dat we met een klein, select gezelschap deze wilden gaan doen.

Nadat er een paar maanden overheen waren gegaan, kwam Jeanet medio januari met een voorstel op de proppen; via internet had ze het bedrijf Privé-safari ontdekt. Dit bedrijf wordt gerund door het echtpaar De Bats en is gespecialiseerd in het organiseren van rondreizen door Kenya en Tanzania. Wat vooral mooi is aan Privé-safari is het feit dat zij niet met een grote organisatie werken maar met een klein bedrijfje uit Tanzania, Mataro safari’s, en dat de reis volledig op maat gemaakt kan worden. Uiteraard komen ze zelf met ideeën en suggesties, zij kennen het land immers veel beter dan ons, maar in principe zouden we zelf helemaal onze reis samen kunnen stellen.

Na lang wikken en wegen, we hadden immers net een rondreis door Canada gemaakt en waren eigenlijk van plan om gewoon weer eens lekker met ons tentje te gaan kamperen ergens in Europa, besloten we om mee te gaan. Er zijn nog genoeg plekjes in Europa die we nog niet gezien hebben en die waarschijnlijk ook wel erg mooi zijn en er volgend jaar ook nog wel zullen zijn. Uiteindelijk hebben we toch maar besloten om de reis te gaan doen, mede ook doordat Jeanet & Frank eigenlijk niet nog een jaar wilden wachten.

In het Havenziekenhuis Rotterdam, een specialist als het gaat om inentingen tegen allerlei ziektes die je op zou kunnen lopen in oa de tropen, bleek echter dat het Jeanet sterk werd afgeraden naar dit gebied af te reizen; Jeanet bleek zwanger te zijn! Dat was dus ook de reden voor Jeanet en Frank om niet nog een jaar te wachten.

Er zijn meerdere soorten Malaria, waarvan de meest agressieve en gevaarlijke soort: de malaria tropica volop aanwezig is in Kenya, Tanzania & Zanzibar. Mede door het feit dat een zwangere dame kennelijk aantrekkelijker is dan een niet-zwanger mens voor de malariamug, leek het onverstandig om naar dit gebied af te reizen.

Wij zaten dus wel enigszins in dubio, maar gelukkig deed Privé-safari niet echt moeilijk en hebben wij tot mei de tijd gekregen om een ander stel te vinden dat deze reis met ons zou willen doen en mocht dat niet lukken, dan hoefden wij niets extra te betalen en zouden we gewoon met zijn 2-en naar Afrika afreizen. We hebben nog een aantal mensen gepolst of zij met ons mee zouden willen, maarja, het is wel een klap geld dat zomaar ineens op tafel gelegd moet worden en we begrijpen donders goed dat niet iedereen dat zomaar in zijn portemonnee heeft.

Kortom, we reizen met z’n 2-en af naar Nairobi om daar met een privé-gids en een privé-kok op safari te gaan. Hoe decadent kan het leven zijn?

Nadat we al onze inentingen uiteindelijk bij de GGD in Hengelo gehaald hebben, reizen wij in ieder geval met z’n 2-en af naar Nairobi voor, wat later blijkt, een onvergetelijke reis!

3 juni, Hengelo - Nairobi, Kenya

Om 5.00 gaat onze wekker, vandaag is het zover; we vertrekken naar het oudste continent ter wereld: Afrika! Nadat we een heerlijke douche en een simpel doch stevig ontbijt hebben genomen vertrekken we tegen 6.10 richting Schiphol. Johan en Marianne brengen ons weg en dat is toch wel erg lekker.

Nadat we op de in-check-zuilen van KLM op Schiphol een mooie plaats in het vliegtuig hebben uitgezocht zitten we tegen 8.30 achter een heerlijke laatste bak koffie. Vluchtnr. KL0565 vertrekt om 10.25 richting Nairobi.

We hebben een probleemloze vlucht van een kleine 8 uur, onderweg slapen we af en toe een beetje en genieten we van het uitzicht op de woestijn van Soedan. Tegen 19.15 plaatselijke tijd, in dit gedeelte van Afrika is het 1 uur later, komen we aan op Nairobi en gaan we op zoek naar onze koffers.

Nadat we die gevonden hebben, begint ons avontuur. We hebben geen idee hoe het nu verder zal gaan; volgens Privé-safari gaat het vanzelf en zullen we onze gidsen snel genoeg ontdekken in de aankomsthal. Hij zal namelijk een briefje omhoog houden met daarop onze naam. Eenmaal in de aankomsthal aangekomen blijkt dat niet zo simpel te zijn! We komen de hal in en zien dus ongeveer 100 gidsen staan; allemaal met een briefje met daarop een naam. Voor ons is het extra lastig, want onze reis is geboekt onder de naam Gerritsen (Jeanet dus). Na even zoeken ontdekken we dan toch onze gids William samen met onze kok Mrosso. Zij staan erop onze koffers naar ons vervoersmiddel voor de aankomende 12 dagen te dragen en het blijkt dat deze prachtige 4wd Jeep, een Toyota Landcruiser, al afgeladen vol zit met eten en de tenten en weet ik veel wat allemaal meer!

Deze avond zetten William & Mrosso ons af bij het hotel voor de eerste nacht. Het is een keurig netjes europees aandoend hotel. Na een tijdje met de gids en de kok in de lobby van het hotel gepraat te hebben, we zullen de aankomende 12 dagen 24 uur per dag met hun doorbrengen dus is het wel handig om elkaar een beetje te leren kennen, gaan we naar bed. Op het balkon van het hotel proberen we nog even onze zgn. ‘head-lights’ uit want het schijnt dat er op de steppes in Afrika helemaal geen stroom te vinden is……….

Ons eerste gevoel is in ieder geval goed, Karinne is blij dat het hotel van een behoorlijke kwaliteit is zodat ze niet zo veel problemen heeft om te acclimatiseren en ik vind zelf dat de armoede nog wel meevalt, tenminste, wat we tot nu toe gezien hebben!

4 juni, Nairobi - Maasai Mara N.P.

We hebben met William & Mrosso afgesproken dat ze ons tegen 8.30 op komen halen, dus we zetten de wekker om 7.15 waarna we tegen 8.00 aan een lekker ontbijt zitten met veel vers fruit, kortom, een goed ontbijt. Zoals afgesproken komen William & Mrosso ons keurig tegen 8.30 ophalen om onderweg te gaan naar de Maasai Mara. Deze dag zal achteraf ook een van de langste reisdagen zijn. De reis voert ons door de sloppenwijken van Nairobi en ik moet mijn mening over de armoede in dit land toch wel bijstellen. Je wilt niet weten wat voor een puinhoop het is in die sloppenwijken.

Onderweg naar onze eerste stop in Narok, krijgen we veel mooie vergezichten te zien en we zien ook al onze eerste wilde dieren: zebra’s , giraffes, gnoes, gazelles, impala’s, struisvogels. Eigenlijk zouden we al wel weer terug kunnen vliegen want we hebben alle dieren al wel zo’n beetje gezien. Uiteindelijk besluiten we dat toch maar niet te doen…..

Onderweg naar de Maasai Mara gaat de telefoon bij William, het blijkt een telefoontje te zijn van Privé-safari. Ze bellen om te vragen of alles naar wens is verlopen en tevens vertellen ze ons dat we de beste gids en de beste kok toegewezen hebben gekregen. Het enig echte ‘Mataro-dreamteam’. Uiteindelijk blijkt hier niets aan gelogen te zijn; William is een geweldige gids en Mrosso is een uitstekende kok en iemand die voor de broodnodige humor zorgt met zijn gebrekkige engels en zijn goede gevoel voor humor.
Tijdens onze lunch in Narok maken we meteen onze eerste afding-ervaring mee. Bij het restaurant waar we eten is een klein souvenirwinkeltje waar we voor 5 dollar 2 ansichtkaarten kopen. Het blijkt dat we met z’n 2-en in dit restaurant eten en dat William en Mrosso in het stadje zelf iets gaan eten. Op zich vinden we dit wel jammer omdat je nu juist tijdens het eten elkaar mooi kunt leren kennen, maar goed, dat zal wel de gewoonte zijn hier in Kenya.

Na een lange rit over erbarmelijke wegen met diepe kuilen en weinig verkeer komen we uiteindelijk aan op de camping net iets buiten Maasai Mara N.P. Terwijl Mrosso onze tent op zet en het diner voorbereid, doen wij onze eerste ‘game-drive’ met William in de Maasai Mara. Hier maken we meteen de opdringerige Maasai vrouwen mee. Zogauw William uitstapt om entreekaarten voor het park te kopen, komen van alle kanten de Maasai-vrouwen te voorschijn om ons allerlei kraaltjes en kettinkjes te verkopen. Wij zijn echter nuchtere Nederlanders en hebben geen behoefte aan kettinkjes en kraaltjes, dus we kopen niets.

Eenmaal in het park zien we o.a. olifanten, buffels, dik-diks, impala’s en een paar ‘worstenbomen’. Worstenbomen zijn bepaalde bomen die zeer geliefd zijn bij luipaarden omdat ze daar goed in kunnen overnachten. Helaas zit er op dit moment geen luipaard in de bomen en naar later zal blijken, is het luipaard een van de meest schuwe dieren die er in dit gebied leven.

Eenmaal terug op de camping heeft Mrosso inderdaad onze tent al opgezet en het eten voorbereid; een uitstekend diner met tomatensoep, gebakken vis, bonen, wortelen, een heerlijke salade, bananencake en koffie na. We hadden niet verwacht dat we zulke uitgebreide maaltijden zouden krijgen! Na deze heerlijke maaltijd is het ook al bijna donker en zoeken we het sanitairblok op. Nu blijken de headlights absoluut geen overbodige luxe te zijn; als het hier donker is dan is het ook echt donker! Er is hier helemaal geen enkele ‘lichtvervuiling’ en je ziet hier dan ook veel meer sterren als thuis in Nederland. We zien hier zelfs de melkweg en voor ons allebei is dat de eerste keer. Erg mooi om te zien. In de tussentijd moeten we de kleine gibbon-aapjes in de gaten houden die hier in de bomen zitten, voor je het in de gaten hebt, hebben ze de hele tafel voor onze tent leeggeroofd!

In onze tent staan 2 behoorlijke stretchers met daarop een authentieke Maasai-deken. We proppen onze lakenzakken erin en slapen heel behoorlijk op deze stretchers. Ook dit is weer een meevaller want we hadden wel iets minders verwacht; op deze bedden kunnen we uitstekend slapen.

5 juni, Maasai Mara N.P. dag 1

Met William hebben we afgesproken dat om 7.30 het ontbijt klaar is en we zetten onze wekker dan ook om 7.00. Het blijkt dat Mrosso ’s avonds netjes een olielampje heeft opgehangen onder ons luifeltje om eventuele wilde dieren op een afstandje te houden. Bovendien heeft hij een soort van mobiele wastafel erbij gezet met warm water, waar we ons ’s ochtends kunnen wassen! Wederom iets dat we absoluut niet hadden verwacht; we hadden ons ingesteld op 12 dagen primitief kamperen, maar zo luxe als hier hebben we het niet eens als we met onze eigen tent gaan kamperen!

Het ontbijt is erg stevig maar ook erg lekker, met pap (ja, ook Karinne eet pap en vindt het nog lekker ook!), geroosterd brood, gebakken eieren en worstjes. Eigenlijk heb je geen keus wat eten betreft, Mrosso gooit gewoon alles op je bord en doet dat op een dusdanige manier dat je eigenlijk niet kunt weigeren.

Nadat de tent en alles wat erbij hoort weer in de Jeep is gepakt, gaan we op weg naar onze 2e campsite aan de andere kant van de Maasai Mara, genaamd Oiololoo Gate. Om daar te komen moeten we dus dwars door het Maasai Mara N.P. en dat is absoluut geen straf. Onderweg komen we wederom allerlei wild tegen van olifanten, impala’s, struisvogels, buffel, gieren, pumba’s, bavianen en zebra’s tot aan wilde katten.
Ergens in het park krijgen we nog weer een lunch, die wederom erg stevig is. We moeten er niet aan denken om thuis elke dag zoveel te eten, maar hier is het helemaal niet vervelend. Het blijkt dat door de enorm slechte staat van de wegen hier in Afrika, William & Mrosso noemen het ‘The African Massage’, je veel meer verbrand dan thuis in Nederland.

Na de lunch komen we aan bij de Mara River, dit is een van de oversteekplaatsen waar tijdens de grote trek van de gnoes spectaculaire beelden worden gemaakt van de strijd van de gnoes om de rivier, die tegen die tijd vol krokodillen zit, over te steken. We krijgen nog een korte excursie langs de rivier met een andere gids die ons, gewapend met een geweer, het een en ander over die oversteek en over de vele nijlpaarden die in de rivier leven verteld.

Tijdens onze vlucht van Amsterdam naar Nairobi hebben we gesproken met een van de stewardessen. Zij vertelde ons dat ze eindelijk eens een keer wat langer in Nairobi moest blijven tot de volgende vlucht en dat ze met een paar van haar collega’s eindelijk eens een keer een echte safari ging doen. Wat schetst onze verbazing; tijdens onze game-drive over de steppes van de Maasai Mara horen we stemmen achter ons. Ik wijs Karinne er nog op dat het Nederlanders zijn en dat je die ook echt overal tegenkomt, als er iemand vanuit de andere Jeep ons vraagt of wij Nederlanders zijn! Het blijken dus onze stewardessen te zijn die dus ook een safari in de Maasai Mara hebben geboekt, bestaat toeval?

Op de steppes van de Maasai Mara zien we wederom heel veel wild; olifanten, impala’s, onze eerste leeuwen en ook een jagende cheetah. We hebben wel eens een documentaire gezien waarop de jacht van zo’n jachtluipaard te zien was, maar in het echt zie je pas wat voor een snelheid zo’n beest in zo’n korte tijd weet te ontwikkelen. Helaas (?) was de gazelle in dit geval te snel voor hem en moest hij de jacht afbreken, maar het is wel mooi om zoiets echt te zien.

William wijst ons er al op dat we wel eens regen zouden kunnen krijgen en dat we, als we voor de regen terug bij de tent willen zijn, toch echt wel weer richting ons kamp moeten gaan. Op de terug komen we echter 2 olifanten tegen die onze weg versperren en William durft het niet aan om er stiekem achterlangs te rijden. Dan ben je behoorlijk kansloos met je Jeepje tegen zo’n olifant van een tonnetje of 7, schoon aan de haak. Kortom, we moeten een eind terug om dan via een andere weg bij het kamp te komen. Daardoor maken we ook onze eerste Afrikaanse regenbui mee; Das net even wat anders dan een buitje hier in Nederland. Binnen een paar minuten veranderen de wegen in rivieren en daar glibberen wij dan overheen met onze Jeep die gelukkig 4wd is. Onderweg zien we nog een giraffe die staat te schuilen tegen de bosrand. Ook de dieren hebben dus last van de regen……

Eenmaal terug bij de tenten zien we dat Mrosso een soort van ‘tarp’ heeft gemaakt boven het vuur waar hij op kookt. We eten onze maaltijd op onder onze eigen luifel en het is wederom een erg goede maaltijd. Mrosso heeft speciaal ‘Oiololo-rain-soup’ gemaakt met rijst, kip, groente en een speciaal ‘Oiololoo-sausje’. Als toetje hebben we ananas met een soort van stroop gehad; heel bijzonder en erg lekker! Als de regenbui over is, zien we in de verte de lichten van een andere Jeep die vastzit in de modder. Nog weer later zien we hoe hij losgetrokken wordt door weer een ander Jeep. We zijn toch wel erg blij dat William de bui goed heeft ingeschat en dat we dus op tijd terug bij ons kamp zijn.

Na nog lekker bij het smeulende vuur gekletst te hebben met William & Mrosso gaan we tegen 9.30 onder de wol. Morgen is het weer vroeg dag.

6 juni, Maasai Mara N.P. dag 2

De vaste planning voor de aankomende dagen zal voor elke dag ongeveer het zelfde zijn. Het ontbijt staat klaar om 7.30, dus wij zetten onze wekker standaard om 7.00. Het ontbijt was, net als gisteren, wederom voortreffelijk. Nooit gedacht dat wij zo stevig zouden ontbijten: pannenkoeken, worstjes, gebakken ei, pap & geroosterd brood. Na het ontbijt gaan we op pad voor een gamedrive. De rit van vanochtend is toch wel anders want zoals duidelijk te zien is, is er gisteren toch wel veel water gevallen. De wegen op zich zijn nog wel redelijk te berijden, maar eenmaal van de weg af, is het donders makkelijk dat we een 4wd hebben. Door het slechte weer van gisteren komen we nog bijna vast te zitten, maar gelukkig hebben wij een uitstekende piloot.

Overigens is het in Kenya toegestaan om in de parken van de weg af te gaan. Of dit nu zo goed is voor de natuur kun je je afvragen, feit is wel dat we mooi dicht bij het wild kunnen komen. Zo zien we op een gegeven moment een moeder leeuw met 5 jonge leeuwtjes op een paar meter afstand. Heel erg bijzonder! Verder zien we eigenlijk al het al eerder genoemde wild weer, het blijft onvoorstelbaar hoeveel wilde dieren er leven in dit gedeelte van Afrika. En vooral, hoe dicht je bij de natuur bent, hier.

Weer terug bij ons kamp heeft Mrosso een heerlijke lunch bereidt; spaghetti met een bolognese saus, groenten (oa bloemkool!) salade, en een fruitmix als toetje. En na zo’n lunch zit er eigenlijk maar 1 ding op: Siësta! De stretchers worden uit onze tent gesleept en we hebben heerlijk gerust gedurende een paar uur.

William verteld ons niet alleen erg veel over de omgeving en de natuur, hij moet ook de auto nog besturen en dat is absoluut geen makkie. Hij heeft zijn rust dus wel degelijk nodig.

In de namiddag gaan we weer op pad, het park in. Volgens William zijn de dieren erg rustig ivm het weer. Hij verwacht dat we nog wel wat meer regen zullen krijgen. In de verte zien we een paar giraffen, daarnaast zien we ook weer olifanten en buffels.

maar voor het eerst zien we ook een paar echte neushoornvogels. William vindt het erg leuk om eens een keer een paar gasten te hebben die ook interesse hebben in vogels. Hij verteld dat de meeste toeristen alleen maar geïnteresseerd zijn in het grote wild.

Eenmaal terug in het kamp gaan we snel eten want de heren verwachten nog wel wat neerslag en eigenlijk willen ze voordat de bui begint het eten op hebben. Tja, het wordt een beetje eentonig op deze manier, maar het eten is wederom voortreffelijk. Dit keer hebben we weer een soep vooraf, een lekker gebakken visje met gekookte aardappelen met een salade van paprika, en aubergine. Als toetje hebben we een bananenkwark.

Nu blijkt ook dat ze heel erg onderdanig zijn, want ze proberen heel erg te voorkomen dat wij tijdens het eten nat worden. Terwijl wij dat helemaal niet zo erg vinden; dat hoort er immers ook bij. Ook vinden William en Mrosso het erg koud, het is maar (!) een graad of 25 en soms zit er een wolk voor de zon. Hun onderdanigheid blijkt ook uit het feit dat ze zich hier bijna voor verontschuldigen; net of zij er wat aan kunnen doen dat het geen 35 graden is met volop zon!

De regen blijft uit en we hebben lekker de rest van de avond bij het kampvuur gezeten en een beetje gekletst over de Afrikaanse cultuur en vooral het verschil met de westerse cultuur waar wij uit komen. ’s Nachts ben ik de enige die de olifanten vlak langs onze tent hoor lopen. Karinne gelooft mij (uiteraard…) niet maar gelukkig is het bewijs ’s ochtend goed zichtbaar. Er is een mooi pad in het hoge gras naast onze tent uitgesleten; gelukkig!

7 juni, Maasai Mara - Lake Victoria

Na het ontbijt, ik zal het maar niet beschrijven maar het was wederom erg goed, breken we het kamp op voor een trip richting het Lake Victoria. Hierbij zullen we de grens tussen Kenya en Tanzania oversteken. Het was ons al wel opgevallen dat William en Mrosso het niet zo op Kenya hebben, ze kraken het niet af, maar ze zijn allebei niet erg gek op Kenya en de kenianen in het algemeen. Ons is het ook al wel opgevallen dat de mensen die je tegenkomt in de dorpjes niet erg vriendelijk zijn en dat de wegen erg slecht zijn, net als de algemene voorzieningen.

Wij ondervinden aan den lijve dat die mening niet helemaal onterecht is. Tot aan de grens met Tanzania komen we geen asfalt tegen en zitten er allemaal diepe kuilen in de weg. Terwijl er in Tanzania wel asfalt op de wegen ligt, het oogt allemaal net wat meer ontwikkelt en de mensen zijn ook vriendelijker. Het beste ervaren we dat aan de grens zelf. We moeten eerst aan de keniaanse kant een stempel halen waarmee we aangeven dat we het land verlaten. De dienstdoende beambte is de vrolijkheid zelve; er kan nog geen klein glimlachje af en naar mijn idee scoren we ook niet met het feit dat we langer in Tanzania zullen blijven als dat we in Kenya geweest zijn.

Nadat we de stempel gekregen hebben, moeten we met datzelfde papier naar de tanzaniaanse kant van de grens, wat het meeste opvalt is dus dat er asfalt op de weg ligt, daarnaast worden we niet ‘lastig’ gevallen door allerlei mensen die ons allerlei prullaria willen verkopen. Bovendien informeert de beambte achter de balie vriendelijk wat we allemaal gaan doen in Tanzania, kortom; het komt allemaal net wat vriendelijker over. Heel typisch, ook William en Mrosso zijn wat opener en wat meer ontspannen. Het voelt voor hun echt als thuiskomen, ze zijn bijzonder trots op hun land.

Bij het eerstvolgende dorpje stoppen we bij een hotelletje om daar in de tuin te lunchen. Mrosso heeft ’s ochtends een uitgebreid lunchpakket samengesteld dat we samen onder een boom in de tuin opeten. Bovendien heb ik hier mijn eerste Afrikaanse bier; Kilimanjaro-bier. Eigenlijk smaakt het net als het bier hier, gewoon pilsener dus.

Na deze lunch rijden we verder, richting de grens van het Serengeti N.P. Onze overnachting zal plaatsvinden op een redelijk normale camping, Lake Victoria Overnight Stay. We willen Mrosso graag helpen met het opzetten van het kamp maar dat mogen we absoluut niet! Hij staat erop dat we naar het terras op de camping gaan om daar even wat te drinken. Als we terugkomen bij onze plek dan staat inderdaad de tent al, is de keuken al weer ingericht en is Mrosso druk bezig met het diner van vanavond.

In het keukengebouwtje zit elektriciteit en dit is dus een mooie gelegenheid om onze batterijen op te laden. Dat zullen we ook nodig hebben want volgens William zullen we bij de eerstvolgende campsite zonder elektriciteit zitten. Bovendien zijn er op deze camping douches aanwezig en Karinne en ik gaan dus eerst lekker onder douche! Ondanks het feit dat de douches koud zijn, is het heerlijk om je weer eens een beetje te kunnen wassen. Overigens wordt het afgeraden om al teveel deo en shampoo te gebruiken, want de geur daarvan zorgt er aan de ene kant voor dat je veel meer ongedierte op je af krijgt en aan de andere kant dat je het grote wild weer verder van je af jaagt! Zuinig met de geurtjes dus…………

Doordat de camping dicht bij Lake Victoria ligt is het hier ’s nachts ook behoorlijk warm. Het water van het meer is vrij warm en daardoor koelt het s’nachts niet zo veel af als op de steppes.

8 juni, Lake Victoria - Serengeti N.P.

Voor vandaag staat er een bezoek aan een echt tanzaniaans vissersdorpje op de planning waarna we door zullen rijden naar de Serengeti. Na het ontbijt rijden we richting het vissersdorp en onderweg pikken we de gids op. Het is een oud mannetje dat gebrekkig engels spreekt, maar wel goed genoeg om ons het een en ander te kunnen vertellen over het dorp waar we naar toe gaan.

Het dorp ligt aan de oevers van Lake Victoria, een van grootste meren van Afrika, en is een echt vissersdorpje. Hier komt pas echt de grote cultuurschok die we eigenlijk al eerder verwacht hadden! Als we aan komen rijden zijn we meteen een grote bezienswaardigheid. We rijden met onze 4wd tussen de lemen hutjes door richting de vissersmarkt. Helaas zijn we net te laat, de vangst is al voor het grootste gedeelte verkocht. Het is echt onvoorstelbaar hoe primitief deze mensen hier nog leven. De schuur die wij in Hengelo in onze tuin hebben gezet zou hier een villa zijn, er zouden waarschijnlijk 3 gezinnen in leven! Riolering is er zeker niet!
We gaan samen met de gids in een vissersbootje het water op naar de visnetten die de vissers ’s nachts uitzetten. De gids verteld ons dat de vissers soms dagen achter elkaar op het water doorbrengen, vooral de vissers die meerdere vallen hebben uitgezet. De vangst wordt meestal gekocht door grote visverwerkingsbedrijven die een eind verderop in Mwanza, een relatief grote stad in de omgeving, gebouwd zijn de laatste jaren.

Eenmaal terug in het dorp lopen we samen met onze gids naar een klein winkeltje waar we op zijn advies een grote zak met zuurtjes kopen. Als we weer uit het winkeltje komen staan de kleine kinderen uit het dorp al te wachten. In no time hebben we wel 50 kinderen om ons heen die allemaal een snoepje willen, en dat niet alleen, ook de ouderen willen wel graag zo’n snoepje. Ongelooflijk wat (in onze ogen) zoiets simpels als een zak snoepjes teweeg kan brengen.

Hierna lopen we verder door het dorp naar de bronnen waarvandaan de dorpelingen drinkwater halen. Onderweg hebben Karinne en ik allebei aan elk vinger minstens 4 kinderen hangen die onderling ruzie maken over wie er nu een van onze handen vast mag houden. We voelen ons hier eigenlijk een beetje schuldig voor onze welvaart; wij kunnen het ons veroorloven om een reis van enkele duizenden euro’s naar Afrika te maken terwijl de mensen in dit dorpje zich niet eens een zak met snoepjes kunnen veroorloven!

We maken hier ook bewust geen foto’s en film; we voelen ons er niet lekker bij om de ellende van de mensen in dit dorpje te ‘misbruiken’ voor ons eigen plezier. Het is al erg genoeg dat ze in deze omstandigheden moeten leven en wij voelen ons niet geroepen om daar dan ook nog eens een soort van attractie van te maken. We besluiten in ieder geval om, zo gauw we weer in Nederland zijn, iets te gaan doen met deze ervaring. Wat weten we nog niet, maar we laten dit niet zomaar voorbij gaan zonder er iets mee te doen.

Ook brengen we nog een bezoek aan de ‘medicijnman’ van het dorp. Het is echt zo’n medicijnman als je verwacht bij het begrip medicijnman in een Afrikaans dorpje. Ondanks het feit dat er in Mwanza wel een soort van ziekenhuis is, gaan de mensen van dit dorpje allemaal naar deze medicijnman. Bovendien is het voor deze mensen niet te betalen om naar een ziekenhuis te gaan.

Het blijkt dat onze gids een soort van klein museumpje aan de kant van de weg heeft, waar we een stuk geschiedenis van dit land kunnen zien. Daarnaast zit er in de boom bij het museumpje een heel apart vogelnest, Het nest is bijna 2 meter hoog, breed en diep en bevat een heel gangenstelsel met aparte kamers. Het blijkt het nest van een Hamerkop te zijn, de favoriete vogel van Mrosso. Het vervelende is echter dat de Hamerkop nadat hij het nest had afgemaakt, weggejaagd is door een grote uil die nu dus een riant ‘appartement’ bezit. Mrosso windt zich hier echt over op en wil de uil wegjagen, zodat de Hamerkop er weer in kan!

Na deze bijzonder ochtend rijden we verder in de richting van de Serengeti-woestijn. Volgens de papieren gaan we hier kamperen op een zgn. ‘Special Campsite’. Een afgelegen kampeerplaats zonder enige voorzieningen en waar we dus ook helemaal alleen zullen staan, totaal verlaten van de bewoonde wereld. We zijn benieuwd!

Nadat we ons gemeld hebben in het park bij de parkwacht, blijkt dat de special campsite zo speciaal is dat degene die op dat moment dienst heeft, niet weet waar de campsite precies is en we zullen dus moeten wachten tot er iemand komt die de plak wel weet te vinden. William stelt voor om in de tussentijd de omgeving maar even te gaan verkennen.

Helaas zien we tijdens deze korte game-drive niet zo heel veel behalve krokodillen en nijlpaarden; dit komt volgens William doordat het midden op de dag is. Het is dus ook het warmst van de dag en de dieren rusten dan meestal, vandaar dat we niet zo veel wild zien. Eenmaal terug bij de parkwacht blijkt dat degene die wel weet waar onze campsite is, helemaal van de ander kant van het park moet komen. En dat is niet zoals in Nederland, het Serengeti park is ongeveer de helft van Nederland en heeft geen A1 of andere goed begaanbare wegen. In samenspraak met William en Mrosso besluiten we dan ook om dan maar niet naar de special campsite te gaan en gewoon naar de centrale camping vanwaar we eigenlijk alle kanten opkunnen en dus het gehele park kunnen bekijken.

Onderweg naar deze camping zien we alvast een voorproefje van de grote trek van de gnoes. De beesten verzamelen zich in de loop van de tijd op de laatste overgebleven groene weiden en wanneer die dan ook niet voldoende voedsel meer leveren trekt de kudde gnoes achter de regen aan op naar de volgende groene weide. We praten dan niet over een kudde zoals wij hier in Nederland een kudde koeien zien, maar over een kudde van in sommige gevallen wel 2 miljoen van die beesten! Helaas voor ons is ook hier het klimaat van slag en zijn er nog niet echt grote verzamelingen gnoes gezien in het park en zullen we dus in de komende dagen op zoek moeten naar een grotere kudde.

Ook zien we nog een nijlpaard op het droge en een groep gieren die bezig is om vakkundig een dooie gnoe te ontleden. We komen er al snel achter dat de natuur hier een stuk harder is dan in de Maasai Mara. Het is hier veel meer een ‘struggle for live’ voor de dieren en planten door het karakter van het park.

Eenmaal op de camping aangekomen zet Mrosso wederom helemaal alleen de tent op en mogen we hem wederom niet helpen met het opzetten. Na het eten kletsen we nog wat en gaan we weer lekker op tijd onder de Maasai wol.